Energietransitie: Wij dragen bij aan het tegengaan van de klimaatcrisis. We zetten in op 55% minder CO2-uitstoot in onze gemeente in 2030. We zorgen dat alle inwoners en bedrijven mee kunnen doen in deze energietransitie.
Toelichting:
In 2050 stoten wij geen schadelijke broeikasgassen meer uit omdat wij fossiele brandstoffen hebben vervangen voor hernieuwbare bronnen. Denk hierbij aan zon, wind of water. Energie is voor iedereen betaalbaar en beschikbaar. Deze wordt zoveel mogelijk lokaal opgewekt en wij gebruiken zo min mogelijk grondstoffen. Ons tussendoel is 55 procent minder CO2-uitstoot in 2030 ten opzichte van 1990, vastgelegd in de Omgevingsvisie. Samenwerking met alle betrokken partijen en inwoners is noodzakelijk om te komen tot de inrichting van ons toekomstig energiesysteem. In alles wat wij doen is er aandacht voor dat iedereen kan meedoen en dat er zoveel mogelijk begrip is voor de veranderingen die op ons afkomen.
Wat hebben we daarvoor gedaan?
1. We vinden het belangrijk dat iedereen in de stad mogelijkheden krijgt om energie te besparen. We helpen alle inwoners, ondernemers en organisaties om woningen en gebouwen te isoleren en de energierekening te verlagen. Hiervoor hebben we subsidies verstrekt en praktische ondersteuning op maat aangeboden aan wie dit nodig heeft, maar ook door te informeren en onafhankelijk energieadvies aan te bieden. Met de aanpak energiebesparing bieden we een meerjarige doelgroepgerichte ondersteuning. Onze aandacht gaat in de eerste plaats uit naar de energiebesparing bij inwoners met lage inkomens en slecht geïsoleerde woningen. Door een faillissement en later doorstart van uitvoerder Winst Uit Je Woning heeft dat vertraging opgelopen.
2. We stimuleren het ontwikkelen van windmolens en het plaatsen van zonnepanelen op daken en andere geschikte locaties. Hiermee leveren we een bijdrage aan de regionale ambitie om in 2030 0,5 terawattuur elektriciteit duurzaam op te wekken.
3. We hebben een regisserende rol bij het gebiedsgericht aardgasvrij maken van de stad. Dit doen we door een actieve coördinerende rol te nemen in de gebiedsaanpakken die nu lopen. We doen dit samen met inwoners en organisaties en faciliteren bewonersinitiatieven uit de stad die zelf een alternatief voor het gebruik van aardgas willen realiseren. In Schothorst-Zuid werken we daarnaast intensief samen met de corporaties en Warmtebedrijf Amersfoort. Samen met de provincie Utrecht, Energiebeheer Nederland en Netverder onderzoeken we de mogelijkheden voor het oprichten van een publiek warmtebedrijf. Dit onderzoek is in 2025 niet afgerond en loopt dus nog.
4. We helpen bedrijven met het verduurzamen van gebouwen en bedrijfsactiviteiten in de stad door te informeren, stimuleren en te ontzorgen waar dat mogelijk is en door te handhaven waar dat nodig is. Ook helpen we ondernemers die problemen hebben door netcongestie. We werken hierbij samen met het bedrijfsleven.
5. We leveren onze bijdrage om te komen tot een nieuw en robuust energienetwerk met energieopslaglocaties. We zoeken actief naar oplossingen om netcongestie tegen te gaan. Dit doen we door onze verantwoordelijkheid te nemen bij het zoeken naar fysieke ruimte voor maatregelen in het kader van netverzwaring. Ook verkennen we de mogelijkheden voor het balanceren van de energievraag en het lokaal opslaan en delen van elektriciteit.
Toelichting:
Het streefcijfer voor 2024 is 383 kton CO2. In 2023 zaten we al op een uitstoot van 369 kton. Het cijfer voor 2024 wordt later dit jaar bekend.
Hoe hebben we dit doel gemeten?
De CO2 uitstoot per jaar
Realisatie cijfers
Streefcijfer
2021
2022
2023
2024
2025
2025
460
415
369
374
Bron:
Klimaatmonitor Rijkswaterstaat
Toelichting:
Dit is de totale CO2-uitstoot van wonen, werken en verkeer per jaar (kton CO2) exclusief de uitstoot van auto(snel)wegen. Het cijfer loopt altijd 2 jaar achter. Dit heeft te maken met berekeningen die het CBS voor het subonderdeel ‘verkeer’ moet doen. Door herberekeningen van het CBS komen aanpassingen met terugwerkende kracht ook voor. Het streven is dat de gemeente Amersfoort in 2050 CO2-neutraal is (‘0’). Voor 2030 streven we naar een reductie van 55% CO2-uitstoot ten opzichte van 1990. De CO2-emissie van 1990 in Amersfoort is niet bekend maar kan worden herleid uit landelijke emissiecijfers en lokale energiegebruikscijfers. CE Delft heeft in opdracht van de gemeente de emissie exclusief auto(snel)wegen voor 1990 berekend op 720 kton. Een reductie van 55% ten opzichte hiervan betekent een streefemissie in 2030 van ten hoogste 324 kton. Bij de berekening van de streefcijfers voor de tussenliggende jaren gaan we uit van een lineaire daling, ook al komt dit niet overeen met de praktijk. Het streefcijfer voor 2024 is 383 kton CO2.
regel
Grondexploitaties en vastgoed: Het ondersteunen van ruimtelijke projecten en bijdragen aan een stad met passend en duurzaam vastgoed
Toelichting:
Met onze gebiedsontwikkeling zoeken we naar passende ontwikkelingsvormen voor gebieden, die - vroeg of laat - rendement opbrengen. Wij willen met ons gemeentelijk vastgoed een toegevoegde waarde bieden voor de stad en bijdragen aan de ambitie CO2-neutraal te zijn. Ook willen wij dat het gemeentelijk vastgoed integraal toegankelijk is.
Wat hebben we daarvoor gedaan?
2.1 Grondexploitaties en vastgoed 1. We verduurzamen ons vastgoed en verlagen zodoende de CO2 uitstoot. Dit doen wij de komende jaren voor 66 objecten (ca. 123.000 m2 BVO) uit onze kernportefeuille. In projecten en in beheer en onderhoud houden we steeds meer rekening met maatregelen voor circulariteit, klimaatbestendigheid en biodiversiteit. 2. We zorgen dat ons vastgoed toegankelijk is voor mensen met een beperking door te voldoen aan het ITS keurmerk. 3. We bieden met ons vastgoed toegevoegde waarde aan de stad, zoals het huisvesten van culturele instellingen, sportverenigingen en wijkcentra. Wij zetten in op duurzame relaties met deze huurders, waarbij veiligheid, duurzaamheid en klanttevredenheid kernbegrippen zijn. 4. Wij zijn ons bewust van de vele onzekerheden die gebiedsontwikkeling in deze tijd met zich meebrengt en sturen op de financiën. Dit doen we met behulp van scenarioanalyses, risicomanagement en stapsgewijze besluitvorming zodat tijdig ingegrepen en bijgestuurd kan worden. 5. Om de grote woningbouwopgave te kunnen realiseren, zetten we in op het brede pallet aan exploitatiemodellen, onderzoeken we voor de bovenwijkse voorzieningen de kostenverhaalsmogelijkheden en zetten we in op het verkrijgen van subsidies.
Toelichting:
Eind 2025 zijn er aan ca. 22 van de 66 panden verduurzamingsmaatregelen uitgevoerd. Hiervan zijn 9 panden integraal verduurzaamd met een gemiddelde CO2 besparing van 80%. Najaar 2025 is de Veerensmederij opgeleverd, het eerste gasloze en CO2 neutrale monument van Nederland. In voorbereiding zijn gebouwen met koppelkansen, waar tegelijk met de verduurzaming renovatie en verbouw plaats vindt vanuit de vervangingsinvesteringen.
Hoe hebben we dit doel gemeten?
Aantal gemeentelijke maatschappelijke objecten waaraan duurzaamheidsmaatregelen zijn getroffen
Realisatie cijfers
Streefcijfer
2021
2022
2023
2024
2025
2025
10
10
22
36
Bron:
Voortgangsrapportage SRO
Toelichting:
De gemeente heeft de opgave om t/m 2030 66 maatschappelijke objecten te verduurzamen (energie- en CO2-reductie) die in haar bezit zijn. Duurzaamheidsmaatregelen zijn bijvoorbeeld het aanleggen van zonnepanelen, isoleren en instructie van gebruikers. Bij de cijfers hierboven gaat het om objecten die gedeeltelijk of volledig verduurzaamd zijn. Vanaf de begroting voor 2027 wordt een andere indicator toegepast, namelijk het aantal verduurzaamde gemeentelijke maatschappelijke panden. Hiermee meten we alleen de panden die volledig verduurzaamd zijn.
regel
Ruimtelijke Ordening: Een stad waarin schaarse ruimte goed verdeeld wordt.
Toelichting:
Met onze ruimtelijke ontwikkeling zijn we een centrale schakel in de ontwikkeling van de stad en zorgen we voor een goede verdeling van de beschikbare ruimte. Zo werken we aan een duurzame balans voor de lange termijn met een aantrekkelijk woon- en leefklimaat, economische dynamiek, een goede bereikbaarheid, voldoende ruimte voor water, groen en natuur. Een stad waarin erfgoed op een samenhangende wijze in stand wordt gehouden en waarbij cultuurhistorische waarden worden ingepast bij nieuwe ontwikkelingen (behoud door ontwikkeling);
Wat hebben we daarvoor gedaan?
3.1. Ruimtelijke Ordening 1. We werken regionaal samen aan de verstedelijking van Amersfoort en regio en zorgen voor een sterke positie van Amersfoort in Metropoolregio Utrecht en regio Amersfoort. 2. We zorgen voor een goede spreiding en verdeling van ruimte voor wonen, werken. Voorzieningen, mobiliteit en recreëren met een mix van functies in een groene omgeving en een hoogwaardige inrichting van de openbare ruimte zodat de juiste functie op de juiste plek komt. 3. We stellen de kwaliteit en leefbaarheid van de openbare ruimte voorop. Het vertrekpunt is een gezonde omgeving die uitnodigt om te bewegen en elkaar te ontmoeten door middel van levensaders 4. We versterken de kwaliteit van het buitengebied voor mens en natuur zodat deze meegroeit met de groei van de stad. 5. We leggen de gewenste inrichting van de stad en buitengebied helder juridisch vast in omgevingsplannen en bieden ruimte aan participatie en initiatieven via de intake- en omgevingstafel.
3.2. Monumentenzorg en archeologie Activiteiten 1. Samen met de stad dragen wij zorg voor ons (onroerend en ruimtelijk) erfgoed en voor de kwaliteit van het stadsbeeld als totaal. Cultuurhistorische waarden vormen een waardevolle inspiratiebron voor nieuwe ontwikkelingen. 2. We willen waardevolle historische structuren en gebouwen in stand houden en waar mogelijk verbeteren. Passende nieuwe functies zijn essentieel voor een goede toekomst (herbestemming en transformaties). De relatie tussen erfgoed en omgeving/openbare ruimte is van grote waarde. 3. Op basis van archeologisch en bouwhistorisch onderzoek verdiepen en verbreden we de kennis over de (ontstaans)geschiedenis van onze stad. Deze kennis maken we voor een breed publiek toegankelijk en beleefbaar. Erfgoed draagt belangrijk bij aan de identiteit en verbondenheid van stad en inwoners en aan de aantrekkelijkheid van onze stad. 4. Behoud en bescherming van archeologische waarden in de bodem, conform onze wettelijke taak. Bij ruimtelijke ontwikkelingen is behoud in de bodem lang niet altijd mogelijk. Na proefonderzoek kiezen we voor behoud door middel van opgraven of toch voor behoud in de grond.
Toelichting:
3.1 Ruimtelijke Ordening - In samenwerking met de provincie Utrecht, waterschappen, de gemeenten Amersfoort, Leusden, Soest en Zeist en het Ministerie van Defensie is het Gebiedsperspectief A(mersfoort) tot Z(eist) afgerond. De uitkomst van het onderzoek is een toekomstbeeld dat laat zien hoe natuur, wonen, recreatie, water, werk en Defensie goed kunnen samengaan. - In september 2025 is het U-Ned Gebiedsonderzoek Amersfoort Spoorzone en Heuvelrugzone opgeleverd. Het geeft inzichten over de potentie, condities en mogelijke keuzes voor de ontwikkeling van de Spoorzone Amersfoort en Heuvelrugzone voor de toekomst (2040-2050) - In april 2025 was Amersfoort gastheer voor het Blue zone festival. De vraag die centraal stond was hoe een gezonde leefomgeving gerealiseerd kan worden en hoe sociale interactie gestimuleerd kan worden. - Als verdere uitwerking van de Omgevingsvisie Amersfoort 2030-40 zijn in 2025 verschillende omgevingsprogramma’s vastgesteld. Hierin is concreter aangegeven hoe wij onze ambities willen realiseren. Het gaat om de omgevingsprogramma’s: Werklocaties, Hoogland-West, Horeca en Terrassen, Mobiliteit, Vermindering omgevingslawaai (Actieplan Geluid), Biodiversiteit. - De gemeente Amersfoort neemt deel aan de prijsvraag Europan 18 2025 -2026. (Europan is een toonaangevende Europese ideeënwedstrijd die jonge ontwerpers en steden samenbrengt om vernieuwende oplossingen voor stedelijke vraagstukken te ontwikkelen, waarbij jonge ontwerpers hun ideeën hebben gebruikt voor inspirerende ontwerpen voor zes concrete locaties in Amersfoort. In totaal zijn er 75 inzendingen geweest waarvan de internationale jury er drie per locatie heeft gekozen. - Er zijn in 2025 weer diverse ro procedures opgestart en doorlopen voor het faciliteren van ruimtelijke ontwikkelingen. We merken echter wel een toename van benodigde inzet van de organisatie gerelateerd aan de toename van de juridische trajecten tot aan de Raad van State. Onder andere als gevolg van de divers ruimtelijke ontwikkeling in bestaand stedelijk gebied wat door inwoners als ingrijpend in de leefomgeving wordt ervaren.
3.2 Monumentenzorg en archeologie In 2025 is het ontwerp-Omgevingsprogramma Erfgoed afgerond. In 2026 volgt de verdere besluitvorming en definitieve vaststelling. In 2025 is voor ruim 300 initiatieven en verbouwplannen met betrekking tot monumenten en panden binnen beschermde stadsgezichten advies uitgebracht en vooroverleg gevoerd. Deze initiatieven varieerden van verzoeken over de toepassing van isolatiemaatregelen tot integrale verbouwingen en restauraties van monumenten. Een belangrijk deel van de vragen van bewoners betrof de verduurzaming van hun woning. Het project voor verduurzaming van de binnenstad (ErfgoedDeal) kreeg samen met eigenaren een vervolg. Vergunningsplichtige initiatieven zijn beoordeeld door de Gemeentelijke Adviescommissie Omgevingskwaliteit. Monumentenzorg vervulde hierbij de rol van ambtelijk secretaris, adviseur en plantoelichter. Daarnaast speelden in 2025 meerdere ontwikkelings- en herbestemmingsopgaven binnen de stad, zoals: Klooster OLV ter Eem, Langs Eem en Spoor en de Kop van Isselt. Voor herstelwerkzaamheden aan monumentale onderdelen van gemeentelijke monumenten en beeldbepalende panden blijft de gemeentelijke subsidieregeling van kracht. Tijdens de Open Monumentendagen zijn circa 20.000 bezoekers verwelkomd in de stad en leidden de juniorgidsen velen rond. In 2025 is voor circa 165 initiatieven en plannen binnen de gemeentegrens archeologisch advies uitgebracht en - waar nodig – archeologische kaders gesteld. Er zijn diverse archeologische onderzoeken uitgevoerd, waarbij onder andere resten van de eerste stadsmuur zijn aangetroffen. Binnen de samenwerkingsovereenkomst met de gemeenten Bunschoten, Nijkerk en Soest is de archeologische beleidskaart voor deze gemeenten vernieuwd. In 2025 is een start gemaakt met de update van de archeologische beleidskaarten van Amersfoort en Leusden. Het Centrum voor Archeologie verwelkomde in 2025 bijna 2500 bezoekers en tijdens de Nationale Archeologiedagen werd een druk bezochte publieksmiddag georganiseerd over de resultaten opgraving uit 2023 aan de Leusderweg. Bovendien is bijgedragen aan kennisontwikkeling en -overdracht in samenwerking met onder andere de ErfgoedAcademie, Hogeschool Utrecht, Waterlijn, Erfgoedweek en diverse andere erfgoedorganisaties.
Hoe hebben we dit doel gemeten?
Voor dit doel is er geen indicator.
regel
Wonen: We stellen de mens centraal, Amersfoort is een thuis voor iedereen.
Toelichting:
Ieder mens wil een fijne plek hebben om te wonen. Een fijne woning vormt een thuis en is belangrijk om gelukkig te kunnen zijn, of je nu alleen woont, samen met een partner of kinderen, of zorg nodig hebt. Met ons volkshuisvestingsbeleid zorgen we er voor dat Amersfoort voor allerlei verschillende mensen met uiteenlopende leefstijlen een fijne stad is en blijft om te wonen. In 2025 hebben we nieuw beleid uitgewerkt in het Omgevingsprogramma Volkshuisvesting; dit vervangt het Deltaplan Wonen uit 2019.
Wat hebben we daarvoor gedaan?
1. Voldoende woningen: we hebben de ambitie dat er tot 2040, 1000 woningen per jaar worden gebouwd. We hebben hier afspraken over gemaakt in de Woondeal 2. Betaalbare woningen: we zorgen ervoor dat minimaal 35% van de woningen sociale huur en minimaal 20% middensegment is. Hiervoor geven we uitvoering aan het Deltaplan en de Woondeal. We stellen een omgevingsprogramma Volkshuisvesting op, die het Deltaplan vervangt. 3. Beschikbare woningen: naast het toevoegen van nieuwbouw zorgen we ervoor dat in de bestaande woningvoorraad meer mensen kunnen wonen. Hiervoor vergroten we de doorstroming en toegankelijkheid van woningen. 4. Passende woningen: we zorgen voor diversiteit aan woningen en woonmilieus, passend bij de woonbehoefte van verschillende doelgroepen. Speciale aandacht is er voor kwetsbare doelgroepen met een zorgbehoefte en woonvormen voor ouderen en voor ouderen die langer of weer zelfstandig wonen. Hiervoor geven we uitvoering aan het programma Wonen en Zorg. 5. Voor de aandachtgroepen, vluchtelingen, statushouders en bewoners van de maatschappelijke opvang is passende woonruimte beschikbaar. Hiervoor geven we deze groepen voorrang binnen de woonruimteverdeling.
Toelichting:
1. Betaalbare woningen, vitale wijken en corporaties: we zorgen ervoor dat bij nieuwbouw minimaal 35% van de woningen sociale huur is en met corporaties en huurdersorganisaties werken we samen aan een passende voorraad sociale huurwoningen en vitale wijken. In buurten of complexen waar leefbaarheid onder druk staat kijken we met corporaties bijvoorbeeld naar een goede mix van sociale huur en middensegment woningen. Op basis van het nieuwe woonbeleid streven we bij nieuwbouw ook naar ongeveer 32% middensegment (was in het Deltaplan 20%), zodat er tweederde betaalbare woningen wordt gebouwd (was in het Deltaplan 55%). Voor elk project gelden eisen om betaalbare woningen te realiseren. Met corporaties en huurdersorganisaties hebben we gewerkt aan meerjarige samenwerkingsafspraken, formeel ‘prestatieafspraken’ (vaststelling in 2026). 2. Gebiedsontwikkelingen en bouwen in bestaande wijken: we hebben de ambitie dat er tot 2040 gemiddeld 1000 woningen per jaar worden gebouwd. In bestaande wijken doen we dat passend bij de kenmerken en opgaven in de buurt. De meeste woningbouw tot 2040 gaat worden gerealiseerd in drie grote gebiedsontwikkelingen: Langs Eem & Spoor, Hoefkwartier en Bovenduist. Deze nieuwe wijken van de toekomst worden inclusieve, duurzame buurten waar we ook nieuwe woonsmaken aan de stad toevoegen. Met ontwikkelende partijen maken we plannen voor woningbouw en met partners als het Rijk en de Provincie werken we samen om partijen te helpen bij realisatie, onder andere met subsidies. 3. Bestaande voorraad en woonruimteverdeling: we willen de bestaande voorraad beter benutten en zorgen voor een eerlijke verdeling van de (schaarse) sociale huurwoningen. We stimuleren doorstroming, met name ouderen via de regeling Van Groot naar Beter. In het nieuwe woonbeleid gaan we extra inzetten op woningdelen. Ook hebben we gewerkt aan een Leegstandsverordening (vaststelling in 2026). Voor een eerlijke woningtoewijzing is in 2025 de Huisvestingsverordening geactualiseerd en hebben we gewerkt aan een verdeelbesluit voor de woningtoewijzing aan urgent woningzoekenden (vaststelling in 2026). Bij de toewijzing van sociale huurwoningen geven we voorrang aan mensen waar de nood het hoogst is (via urgentieverklaringen); andere woningzoekenden krijgen woningen toegewezen op basis van inschrijfduur. 4. Geschikte ouderenhuisvesting: Met het oog op de vergrijzing en dat ouderen langer zelfstandig thuis wonen werken we aan geschikte woonruimte voor ouderen, in het bijzonder voor ouderen die een vorm van gemeenschappelijk wonen willen (geclusterd wonen) of die zorg nodig hebben (zie bij wonen en zorg). In de planvorming van de projecten benutten we mogelijkheden om voor ouderen te bouwen, passend bij de kenmerken van de buurt. Zo wordt bij de woningbouwprojecten Hogeweg 53-55 en Zwaluwenstraat ingezet op geclusterde woonvormen voor ouderen. Daarnaast is gestart met het Concept LangLevenThuis in de Eemgaard en St. Josef om invulling te geven aan geclusterde woonvormen waar zelf- en samenredzaamheid voorop staan. Ook werken we aan bewustwording onder ouderen over langer zelfstandig thuis wonen en stimuleren we doorstroming met bijvoorbeeld wooncoaches. 5. Wonen en zorg en andere aandachtsgroepen: Speciale aandacht is er voor kwetsbare doelgroepen met een zorgbehoefte en/of urgente woonvraag, van jong tot oud. In 2025 hebben we een Actieplan Urgent woningzoekenden uitgewerkt met corporaties en zorg- en welzijnspartners. Genomen maatregelen zijn onder andere dat corporaties in 2025 en 2026 extra woningen gaan verhuren tot de eerste of tweede aftoppingsgrens en in 2026 lootwoningen aan urgent woningzoekenden verhuren. Andere maatregelen zijn het stimuleren van woningdelen en het zoeken van nieuwe locaties voor flexwonen. Met de regio zijn afspraken gemaakt over de “fair share” verdeling van urgent woningzoekenden over de regio met als uitgangspunt “terugkeer naar de gemeente van herkomst”. Dit zal de uitstroom in Amersfoort enigszins ontlasten. Gecombineerd met het actieplan werken we ook aan het verbeterplan voor de opvang van vergunninghouders om onze achterstand in die taakstelling in te lopen. Plannen voor de realisatie van tijdelijke woningen in Vathorst zijn verder uitgewerkt (verwachte oplevering medio 2026).
Hoe hebben we dit doel gemeten?
Nieuwbouw + transformaties
Realisatie cijfers
Streefcijfer
2021
2022
2023
2024
2025
2025
1315
841
904
1134
1000
Bron:
BAG; bewerking O&S
Toelichting:
Het betreft alle toevoegingen in een specifiek jaar aan de woningvoorraad, namelijk nieuwbouw en overige toevoegingen. Omdat de overige toevoegingen voornamelijk transformaties zijn (van kantoren maar ook andere gebouwen naar woningen) noemen we het hier transformaties. Maar het kan ook nog gaan om splitsing van woningen. Uiteindelijk kan de netto groei of saldo van de woningvoorraad lager zijn door sloop of overige onttrekkingen.
regel
Mobiliteit: Een bereikbare stad die actieve mobiliteit omarmt.
Toelichting:
Om onze groeiende stad leefbaar en groen te houden, de lucht schoner te maken en klimaatverandering tegen te gaan is het hard nodig om op het gebied van mobiliteit een grote omslag te maken. We willen bereiken dat mensen zich in en naar onze stad anders gaan verplaatsen; meer als voetganger, met de fiets, met het OV of gebruik makend van deelmobiliteit. We werken aan een stad waarin vervoer met een auto steeds minder nodig zal zijn. Hiervoor investeren wij in een goed netwerk van paden voor voetgangers en fietsers én in goede faciliteiten voor deelmobiliteit en openbaar vervoer. We zetten in op parkeerregulering. Ook zorgen we voor de juiste functie op de juiste plek (voorzieningen en werkfuncties langs levensaders en bij ontmoetingsplekken en wonen en werken in de directe nabijheid van openbaar vervoersknooppunten).
Wat hebben we daarvoor gedaan?
We stellen in 2024 een Omgevingsprogramma Mobiliteit op. Daarin komt alle inzet die we nu al plegen en de nieuwe inzet voor de verschillende deelaspecten samen: 1. Lopen: We werken toe naar een compleet, samenhangend, toegankelijk voetgangersnetwerk. 2. Fiets: We bouwen aan een compleet, samenhangend en veilig fietsnetwerk en werken toe naar voldoende en goede fietsparkeervoorzieningen bij o.a. stations en binnenstad. 3. OV: We maken het OV aantrekkelijker door te zorgen voor snellere busroutes, toegankelijke haltes en een aantrekkelijke overstap en we spannen ons in om onze stevige plek in het landelijke spoornetwerk te behouden en waar mogelijk te verbeteren. 4. Deelmobiliteit en parkeren: We zetten in op faciliteren en aantrekkelijker maken van deelmobiliteit, het invoeren van betaald parkeren met vergunningen in grotere delen van de stad, het hanteren van lage parkeernormen bij woningbouw op OV-locaties en het realiseren van mobiliteitshubs aan de stadsranden en in de wijken (als parkeeralternatief voor de eigen auto en voor bezoekers aan de stad). 5. Wegenstructuur: We vormen de meeste wegen om naar 30 km/uur, we beperken het doorgaand verkeer op de Stadsring en regionaal brengen we het wegennet op orde, met aandacht voor maatregelen om de effecten van de vertraging van het project Knooppunt Hoevelaken op te kunnen vangen.
Toelichting:
In 2024 startten we met de voorbereiding om het omgevingsprogramma mobiliteit op te stellen. We werken aan lopen, fietsen, openbaar vervoer, deelmobiliteit en de wegenstructuur. Deze onderwerpen worden in samenhang bekeken waarbij de prioriteit wordt bepaald volgens het principe van STOMP (stappen, trappen, openbaar vervoer, mobility as a service, particuliere auto). We willen bereiken dat mensen zich in en naar onze stad anders gaan verplaatsen; meer als voetganger, met de fiets, met het openbaar vervoer of gebruik makend van deelmobiliteit. We werkten ook aan het parkeerbeleid om de stad bereikbaar te houden en het bouwen van woningen mogelijk te maken. Het omgevingsprogramma mobiliteit is op 13 mei 2025 vastgesteld door het college.
Het omgevingsprogramma mobiliteit beoogt om de rol van auto in het weg verkeerssysteem kleiner te maken ten gunste van ander vervoerswijzen. Daardoor wordt de leefbaarheid en veiligheid vergroot.
In 2025 hebben we de volgende resultaten bereikt: • per 1 januari 2025 is Zero Emissie Zone in het kernwinkel gebied int werking getreden, hiermee is het kernwinkelgebied gesloten verklaard voor bedrijfs- en vrachtauto's die niet voldoen aan de zero emissienorm; • Per 1 oktober 2025 is fase 1 van het betaald parkeren ingegaan, daarmee is het gebied waar parkeerregulering van kracht is, fors uitgebreid; • De voorbereidingen zijn gestart om begin 2026 op een groot aantal wegen het snelheidsregime van 50 km/u terug te brengen naar 30 km/u; • De voorbereidingen voor de bouw van de fietskelder aan de zuidzijde bij het station zijn in een vergevorderd stadium, als eerste zijn in 2025 de kabels en leidingen verlegd ten behoeve van de bouw van de fietskelder. De maaiveld stalling moest daarvoor verwijderd worden. De start van de bouw van fietskelder in 2026 voorzien.
Hoe hebben we dit doel gemeten?
Modal Split (% Auto bestuurder)
Realisatie cijfers
Streefcijfer
2021
2022
2023
2024
2025
2025
29
29
29
Bron:
Toelichting:
De Modal Split laat zien hoe verplaatsingen verdeeld zijn over de verschillende vervoerswijzen. Om een betrouwbaar cijfer te verkrijgen wordt het cijfer berekend aan de hand van een stapeling van de cijfers van het betreffende en voorgaande jaar. Voor de Modal Split is er alleen in oneven jaren een realisatiecijfer. Het realisatiecijfer wordt eind 2026 bekend.
regel
Deze pagina is gebouwd op 06/05/2026 10:37:03 met de export van 06/05/2026 08:56:21